Alle berichten van Marnix Jansen

Leo van Oostrom – Saxofoon/Klarinet

leo van oostromLeo van Oostrom studeerde klarinet en saxofoon aan het Koninklijk Conservatorium voor Muziek te Den Haag bij resp. Jolle Huckriede en Adriaan Bosch. Hij ontving bij het eindexamen-saxofoon in 1966 de hoogste onderscheiding (Fock-Medaille).

Van 1960 tot 1970 speelde hij in de Big-Bands van Frans Elsen en Rob Madna, had een eigen Kwintet en vormde een Trio met Dick vd Capellen en John Engels.

Sinds 1969 is hij primaris van Het Nederlands Saxofoon Kwartet en vanaf 1981 Hoofdvakdocent-Saxofoon aan het Koninklijk Conservatorium.

Van 1992 tot 2003 speelde hij Lead-Alt in het Metropole Orkest.

Tegenwoordig speelt hij in formaties met Loek Dikker, Pierre Courbois, Lester Leaps Again, de Beau Hunks, That’s Jazz, Andor’s Jazz Band, de David Kweksilber Big Band, Kwartoet en het Trio Amici.

Verder is hij free-lance medewerker van de Nederlandse Symfonie-orkesten, het ASKO/Schoenberg-Emsemble en het Ives-Ensemble.

Het duo met pianist Wolfgang Watzinger dateert van 1985 en heeft een breed repertoire met oa Franse, Duitse, Amerikaanse en Nederlandse composities van 1857 tot heden.

De combinatie met pianist Eddy van Dijken “SAXOPHOBIA” werd in 1969 geformeerd en heeft als specialiteit het repertoire van de Amerikaanse C-Melody saxofonist Rudy Wiedoeft alsmede historische “demo/concerten” op authentieke saxofoons, van oa Adolphe Sax, uit de periode 1854-1960.

Verder is Leo van Oostrom een fervent saxofoon verzamelaar en een kenner op het gebied van saxofoons en alles wat daar mee samenhangt. Onlangs publiceerde hij zijn boek 100 + 1 saxen waarin zijn hele verzameling en zijn kennis op een prachtige manier zijn samengebracht.

Menno Daams – Trompet

Menno DaamsMenno Daams is geboren in Amsterdam. Menno speelde gitaar, maar nadat hij zijn rechter arm verloor op twaalf jarige leeftijd stapte hij over op trompet.

Terwijl hij studeerde bij Freddy Grin (de toenmalige solo cornetspeler van het Concertgebouw Orkest), begon hij met vrienden jazz te spelen, waarbij hij zich modelleerde naar Louis Armstrong en de grote trompettisten van het Swing tijdperk.

Enkele van de meest legendarische artiesten waar Menno mee heeft gespeeld zijn Jake Hanna, Scott Hamilton, Warren Vaché, Dan Barrett, Howard Alden, Lew Tabackin, Lee Konitz, Toots Thielemans en Monty Alexander.

Als uitmuntende arrangeur, draagt Menno bij aan de stukken van vele jazz-, pop en fanfarebands, en zelfs af en toe aan die van een orkest. Naast het co-leiderschap van de Unaccounted Four, met houtblazer David Lukacs, is Menno docent bij zowel het Haags als Amsterdams Conservatorium en bij de jaarlijkse Ascona workshop in Zwitserland.

In 2013, na vijf jaar studie met David Blumerg en Ardell Hake, slaagde hij van Lyle Murphy’s System of Horizontal Composition, een 1200-pagina’s tellende techniek.

Dat de Jazz niet meteen populair was…

(Uit: hoe Den Haag de jazz leerde kennen,1919-1926, van Maarten van Doorn, jaarboek Die Haghe 1997)

Dat de Jazz niet meteen populair was, blijkt uit het verslag in het Vaderland van 9 augustus 1919 van de journalist Hans Martin, die in schrille kleuren schildert wat hij had meegemaakt in een jazzclub op Leicester Square in Londen:

‘waar-naarmate ge afdaalt- de kletterende ratelmuziek al harder, al onstuimiger op u toe komt daveren’.

Na een beschrijving van het aanwezige publiek en de ruimte (‘een lage kelder met Turksche en Oostersche lampen, bonte lampions, en een paar verwelkte guirlanders, – alles verdoezeld, vervaagd in de rook van Engelsche cigaretten,- bedwelmende weeë, duizeligmakende opiumlucht’) geeft hij verslag van een optreden van muzikanten, dat te mooi en te informatief is om hier niet te laten volgen.

‘Daar, opeens, een paar accoorden, -er komt beweging in de pratende jongelui op het podium-, de Jazz, the latest craze of London, gaat beginnen. En ineens krijg je de zuivere visie van in een dolhuis te zijn. Een piano, een mandoline, een hobo, een trommel. De man achter de trommels is de hoofdpersoon, hij leidt het orkest, geeft maat, melodie en frasering aan, Hij heeft niet alleen trommels, klappers, bekkens, rinkelende glazen scherven, schel klinkende metalen platen – hij heeft… o het is verschrikkelijk wat de man allemaal heeft om lawaai,  veel lawaai, geweldig veel lawaai mee te maken. De muziek begint. Is het muziek? Neen- het is een opwindend, krankzinnig makend geluid, dat langzaam in je vreet en je tot den rand van waanzin brengt. De piano en de mandoline geven de wijs aan, een van die wijsjes, die voor grappige ledepoppen gemaakt schijnt, met houten, sterk rytmisch afgekapte bewegingen,- van die wijsjes waar je onwillekeurig met je voeten gaat zitten klepperen op de maat. De hobo, -met een geluid als een lallende, schreeuwende dronken man, met zware basstem-, de hobo, melancholiek, triest, jammerlijk, ondersteunt de grondtoon van de wijs, houdt deze te lang aan, onderstreept ze te dik; het is of een beschonkene, onmachtig om zijn mond te houden, poogt mee te zingen met de vlugge, razende, houterig rytmische muziek van piano en mandoline. Het geeft aan de wijs iets wanstaltigs iets absurds, iets dat heel erg naar waanzin helt.

En daartusschen ratelt en rammelt, klettert en jankt en dreunt en ploft en gilt het geluid van trommen en scherven stukken hout en metalen platen.-Het felle geluid flitst opeens onverwacht door de muziek als een vlakbij inslaande bliksem, het roffelt en dreunt, lang aangehouden als een rommelende donder, als een zware wagen over een houten brug-, het trilt en siddert als het plotselinge uiteenspatten van glaswerk, alsof opeens keien door de kelderramen worden geworpen. Het is schrikwekkend, het is op de rand van dolheid en amok loopen-, het is als derwisj muziek.(www.draaiendederwisj.nl) Die geluiden, rytmisch doorgezet, steeds met denzelfden vluggen maat volgehouden, met het lallende dronkenmansgehuil van de hobo, de ophitsende snarentokkeling der mandoline, -de kletterende dreunende ontploffing van geluiden uit trommen, scherven, metalen platen, -die verwarring van lawaai. dat tenslotte nog een melodie behoudt,- een melodie, die door stage herhalingen een obsessie wordt,- die cacophonie, die toch melodisch blijft, werkt ontzenuwend, werkt als derwisj muziek, brengt het gehele lichaam in een verdoofde beweging, die dansen wil en ook dansen wordt… Opeens huilt de hobo een lang aangehouden klaagtoon, rinkelt en davert het, klinkt dubbelslag van hout op hout,-

En het is uit, – De muziek zwijgt, – de dansende paren ontwarren zich, vrouwen loopen naar spiegels, schikken hun kapsel, -mannen betten zich het parelende voorhoofd’.

Hoe men in Den Haag en Scheveningen reageerde op dit artikel is natuurlijk niet bekend. Er zullen mensen zijn geweest die een waarschuwende vinger hebben opgestoken tegen deze verwording van de maatschappij; anderen zullen hebben gesmuld van deze berichtgeving en hoopten vurig dat er in Den Haag zulke gelegenheden zich snel zouden voordoen.

En die kwamen al snel.

Na de Eerste Wereld Oorlog, eind augustus 1919,  duikt voor het eerst het woordje JAZZ op in advertenties in de kranten in Den Haag als impresario Max van Gelder het Cabaret Artistique in Scheveningen presenteert:

Iedere avond onder anderen Ninette en Jean Austral, ‘The famous Australian Dancers en Dances from their repertoire The latest craze of London and New York “THE JAZZ”

In hetzelfde programma vertolkte Willy Allen “Ragtime Songs”.

De nieuwste dansen werden in de dansscholen aangeprezen, o.a. door het beroemde Dans-Instituut van Weyne & Sternfeld aan de Koningin Emmakade. Deze hadden ‘de eer te berichten, dat zij vanaf 16 augustus 1919 privaatles geven in The Jazz, Jazz-Waltz en Hesitation zooals deze worden gedanst in de Londensche Society’.

De dansschool van Mies Heijstee aan de Bazarstraat 20 onderwees ‘Moderne society dansen volgens het laatste congres van de Imperial Society of Dance Teachers te Londen’. Het waren de ‘Jazz, Rocker, Peace Walk, Jazz Walz etc.’

Voor zover bekend schijnt de eerste jazzband van ons land te zijn geweest James Meijer’s Jazzband onder leiding van de jazzpianist Leo de la Fuente. De band (piano, banjo, viool, fagot en drums) werd genoemd naar de hier genoemde James Meijer, die onder meer de bladmuziek verzorgde. In ieder geval trad in de lente van 1920 in Hotel Central in Den Haag een heuse, Engelse jazzband op, The Mayfair Jazzband onder leiding van Lewis Jones, een man die voordien een engagement had in Londen bij de  “Trocadero” en de “Bryce Club”, hetgeen zijn faam moest staven. Vanaf 7 maart speelde hij ’s-middags van 3 tot 5 en ’s-avonds van 8 tot 12. In april speelde Lewis Jones on onder de naam Yasz-band The Syncopated Five in het paviljoen van het Wilhelmina Wandelhoofd op Scheveningen.

Een van de Haagse jazzpioniers, Coen Gonsalves van The Queens Melodists, herinnerde zich jaren later dat hun muziek weldegelijk aansloeg, ‘al was het maar keteltjesmuziek of gepluk van een banjo, er was een nieuwe klank, een nieuwe kleur, ook het ritme was beter en paste meer bij de moderne dans.’

Pas in de zomer van 1921 kreeg Jazz in Den Haag/Scheveningen een Nederlands gezicht. Er kwamen meer jazzbands of wat daar voor door mocht gaan. Zo maakte op 3 september 1921 de Jazzband o.l.v. Jules Dreese zijn opwachting in het Kurhaus tijdens het door Maddy en Willy Encla geleide Groot Bal. Waarschijnlijk werd een strijkje bedoelt dat af en toe op jazz lijkende klanken voortbracht.

In het intieme theater Mascotte in de Wagenstraat (68) presenteerde kapelmeester W.J. Wisse in oktober 1921 het programma Jazzing de jazz met zijn succes-ensemble Mascotte. Wat de inhoud en vorm was van dit programma of van het ensemble vermeldt de historie niet, maar dat het weinig met Jazz te maken had zoals wij die nu kennen kan gevoeglijk worden aangenomen. De samenstelling en grootte van de jazzbands in die beginjaren geven daar alle aanleiding toe. (wordt vervolgd)

Maaike den Dunnen – Vocal / Piano

Maaike den DunnenMaaike den Dunnen, van oorsprong Rotterdamse, laat zich het beste omschrijven als een nieuwsgierige muzikant. Ze studeerde jazz-zang aan twee conservatoria (in Rotterdam en in Graz, Oostenrijk) en ontwikkelde zich daarbij tot zangeres, componiste, arrangeur, pianiste en bandleider. In verschillende landen werkte ze samen met topmusici als Dena DeRose (USA), Peter Herbolzheimer (Duitsland) en Bosko Petrovic (Kroatië). Ze stond op het North Sea Jazz Festival tijdens de finale van de European Jazz Competition (2011), won als enige Europeaan twee eervolle vermeldingen in het Downbeat Magazine (USA, 2011) en vertegenwoordigde Nederland in het European Jazz Orchestra (2009). Zo verwierf ze internationale bekendheid voordat er ook maar een cd of video aan te pas kwam.

De onbegrensde belangstelling van Maaike den Dunnen klinkt door in haar muziek. Muzikale intelligentie, lyriek, humor en een aanstekelijke energie wisselen elkaar af. Haar teksten spreken tot de verbeelding en beschrijven uiteenlopende situaties, gebaseerd op een levendige gevoelswereld. Je hoort niet alleen een expressieve zangeres die je raakt met haar overtuigingskracht, maar een totale muzikant die zich ook zonder woorden uitstekend verstaanbaar maakt. In haar arrangementen kiest ze voor een instrumentale benadering van de stem: soms in de rol van tweede saxofonist, soms op de voorgrond in een geïmproviseerde solo. Haar composities vormen een eigentijds jazzrepertoire waarin de traditie nooit uit het oog wordt verloren.

Met de cd ‘Arrival’ maakte Maaike onlangs haar officiële debuut. Een album met uitsluitend eigen composities en arrangementen dat ze in Oostenrijk opnam met een internationale all-star bezetting.

Karel Boehlee – Piano

Karel BoehleeKarel Boehlee begon met piano spelen op zeer jonge leeftijd toen zijn vader jazzmuziek in zijn leven bracht. Karel’s moeder speelde klassiek piano als hobby, zijn broer hield van soulmuziek van o.a. James Brown, Stevie Wonder, Earth Wind and Fire en Aretha Franklin terwijl zijn zuster voornamelijk popmuziek draaide. Dit alles zorgde voor de ideale omgeving voor Karel om zich te ontwikkelen tot de pianist die hij vandaag de dag is. Karel leerde piano spelen door te luisteren, niet d.m.v. onderwijs. Net de twintig gepasseerd realiseerde hij zich dat hij professioneel musicus wilde worden.

In 1983 studeerde hij aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Sindsdien speelde Karel met Toon Roos, Martijn van Iterson, Peter Tiehuis, Ferdinand Povel, Theo de Jong, Jesse van Ruller, Simone Pormes, Toots Thielemans, Trijntje Oosterhuis, Roberta Gambarini, Lo van Gorp, Hein van de Geyn, Martijn Vink, Gino Vannelli, Joris Roelofs, Ben Herman, Philip Catherine, Hans van Oosterhout, Frans van der Hoeven, Tom Beek, Fay Claassen, Peter Erskine en vele anderen. Met de meesten van hen nam hij albums op. Voor het Japanse label ‘Keystone Records’ nam hij de afgelopen jaren als het Karel Boehlee trio maar liefst acht CD’s op samen met Hein van de Geyn en Hans van Oosterhout. Onlangs toerden zij door Japan en Korea. In de planning ligt een CD-opname waarop ook meer funky eigen werk zal komen te staan.

 

Vrijdag 9 januari 2015

Ons 25ste jubileumconcert wordt iets speciaals

Vanaf 19.30 is er een receptie. Het concert begint om 21.00 uur:

De artiesten voor het concert van vrijdag 9 januari 2015 zijn:

Heleen Schuttevaer - Piano/vocalEllister van der Molen – Trompet
Caspar van Wijk - SaxofoonBart Tarenskeen - Contrabas
Hans Braber – Drumsen een geweldige mystery guest....

Alles uiteraard in de  Scheveningenzaal van Muzee Scheveningen.

Om kaarten te reserveren kunt u per email reserveren: info@fridaynightjazz.net

Caspar van Wijk – Saxofoon

caspar van wijk portret

Caspar van Wijk (1988) studeerde van 2006 t/m 2009 bij saxofonist Simon Rigter, aan het Conservatorium van Rotterdam. Caspar vervolgde zijn studie aan het Conservatorium van Amsterdam, bij Ferdinand Povel en Jasper Blom.

In deze periode maakte hij studiereizen naar het buitenland, waar hij studeerde bij o.a. Dick Oatts en John Swana.

In 2008 won Caspar, samen met drummer Mark Schilders, het Prinses Christina Jazz Concours.

In 2011 studeerde hij, met de waardering 10 cum laude, af aan het Conservatorium van Amsterdam.

In 2011 won zijn compositie “Very Sweet” de “Best Composition Award” tijdens het European Keep An Eye Jazz Concours.

Caspar woont momenteel in Den Haag, waar hij in verschillende formaties te horen is, waaronder het Van Wijk/Derudder Kwartet. Ook speelt hij regelmatig in big bands.

Muziek met Caspar: Caspar van Wijk in Sao Paolo

Meer informatie, zie http://www.casparvanwijk.nl/

 

Mike LeDonne – Piano en Hammond Orgel

‘One of the most promising and talented pianists of this era.’ Een beschrijving van Oscar Peterson.

mike-ledonne-smoke-organ

Geboren in Bridgeport, Connecticut in 1956, is hij een van de grote namen op dit moment in de jazzwereld in de USA. Hij is naast pianist ook Hammond organist. Hij komt uit een gezin waarin zijn ouders een muziekwinkel bestierden.  Mike begon op tienjarige leeftijd op te treden met zijn vader die jazzgitarist was.

Op 21-jarige leeftijd deed hij zijn eindexamen aan het New England Conservatorium, slaagde en verhuisde naar New York City. Daar speelde hij meteen al met The Widespread Depression Jazz Orchestra. In 1988 maakte hij zijn eerste LP en speelde vervolgens bij het Milt Jackson Quartet. Hij bleef elf jaar bij deze band spelen en werd later de music director van dit kwartet. Hij werd veel gevraagd en niet door de eerste de beste. Zo speelde hij met de masters of jazz Benny Goodman, Sonny Rollins, Bobby Hutcherson, Art Farmer, Dizzy Gillespie en vele anderen.

Als Hammondorgel speler maakte hij ook furore. Vier platen zijn er van hem als organist uitgebracht. Hij won de Downbeat critic’s poll for “Rising star on organ”.

Hij speelt sinds 2001 iedere dinsdagavond in de Smoke Jazz Club in New York.

Mike Ledonne on Hammond: Blues for Gene

 

 

Marjorie Barnes – Vocal

Eigenlijk is ze pas net teruggekeerd in de jazz-business, na een uitstapje van twaalf jaar naar Amerika.

Barnes woont nu weer in Den Haag. Daar ging ze vorig jaar de samenwerking aan met de Haagse jazzformatie Equinox. ‘Een kwintet met een sterk toekomstbeeld. De bandleden weten wat ze willen’ vertelt Barnes over de telefoon. ‘Ze zijn jong en energiek. Iedereen voelt zich verbonden met elkaar. Maar het meest bijzonder: het is alsof je naar een jazzband uit de jaren vijftig luistert.’

De jaren 50, daar verlangt Barnes weleens naar terug. ‘Het gedegen jazzgeluid van de jaren 50 is voor mij heel belangrijk. Neem Sarah Vaughan, zij is een doorslaggevend persoon in de jazzgeschiedenis. Dat wil ik laten horen aan het publiek. Muziek als die van Vaughan kun je niet verloren laten gaan. Het vormt de basis van hoe wij jazz nu kennen.’

Maar Equinox en Barnes laten zich niet beperken tot de muziek van de jaren 50. ‘Nee’ roept Barnes. ‘Dat zou niet goed zijn. We hebben allemaal een brede muzikale smaak en we besteden veel tijd aan het denken over en het kiezen van ons repertoire. We kijken net zo goed naar hedendaagse nummers die zich lenen voor de Equinox-aanpak, evenals de traditionele jazznummers die mensen associëren met de jaren 40 en 50.’

Marjorie Barnes kwam in 1975 voor het eerst in Nederland met de succesvolle groep The Fifth Dimension. De band, die een wereldhit scoorde met Aquarius/ let the sunshine in, verzorgde het voorprogramma voor Frank Sinatra in het Concertgebouw in Amsterdam. In 1980 kwam ze terug naar Nederland als Broadway-ster in de musical Bubbling Brown Sugar. In 1981 trouwde ze met danser Ricardo Sibelo. Haar huwelijk was de reden om in Nederland te blijven. Drie jaar later begon ze haar carriere als zangdocente. Eerst aan het Hilversums conservatorium, later aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag.

Hoewel ze nu al lang geen les meer geeft aan de conservatoria, blijft Barnes een didacticus. ‘Lesgeven heeft er bij mij altijd ingezeten. Toen ik naar Amerika terugverhuisde om voor mijn moeder te zorgen ben ik ook het onderwijs in gegaan. Ik stond hele dagen voor de klas. Het gaat erom dat je iets kunt overbrengen. Of je nu iets uitlegt aan leerlingen of een liedje zingt voor publiek.’

Presentatie, daar draait het om volgens Barnes. ‘Muziek maken is een 360-graden-ding’ zegt ze. ‘Dat betekent niet alleen dat je het nummer perfect zingt, maar dat je ook een verhaal moet vertellen aan het publiek. Voel je je verbonden? Gelooft het publiek je? Heb je een klik met de band? Mooi.’

Maar wanneer is een liedje goed? ‘Als ik het zing’ roept Barnes lachend over de telefoon. ‘En’ gaat ze door ‘als een nummer onthouden wordt, als het een klassieke jazzsong wordt.’ Als voorbeeld noemt Barnes de standard Here’s to Life uitgevoerd door de Amerikaanse jazzzangeres en -pianiste Shirley Horn. ‘Mijn favoriete nummer. Shirley Horn weet waar jazz over gaat.’

Arno Krijger – Hammond orgel

arno-berlijn-nostalgia-

De in Terneuzen geboren en nu in Tilburg woonachtige Arno Krijger, is een in de Nederlandse jazzwereld vermaarde hammondorganist. Na zijn studie aan het Tilburgse conservatorium in de jaren 90 is hij in Tilburg gebleven en woont er met zijn vriendin en hun twee kinderen. Hij begeeft zich vanuit het hart van Noord-Brabant van hot naar her met verschillende jazzbands. Hij begon in de zomer van 2010 met het arrangeren van stukken en welke muzikanten daarbij pasten. Hij heeft een band, La Verne, met de jazzzangeres Stephanie Soffers, drummer Hans van Oosterhout, trombonist Louk Boudesteijn en saxofonist Rolf Delfos. Hij stond in 2010 met La Verne op ScheldeJazz.

Hij is volop bezig in het buitenland. Met de Zwitserse trombonist Nils Wogram is hij een tijdje op tour geweest in Duitsland en Zwitserland. LatinJazz staat ook op zijn programma. In Colombia speelde hij met Nueva Manteca. De LatinJazz van die groep slaat daar enorm goed aan: “Het was niet normaal, ik had dat nog nooit meegemaakt. We speelden muziek van Santana, ‘Black magic woman’ en al die andere hits maar in een Cubaans jasje. We speelden voor een zaal van zes a zevenhonderd man die al enthousiast waren voordat we een noot hadden gespeeld, dat maak je in Nederland niet mee, daar leven de mensen voor de muziek.’ Arno geeft ook keyboard-, orgel- en pianoles op een muziekschool. Arno Krijger is één van de weinige die de hammondtoetsen combineert met pedaalbas. Daarmee onderscheidt hij zich niet alleen in Nederland, maar ook in Europa.

Nostalgia Trio met Arno Krijger

Meer informatie, zie http://arnokrijger.nl/

 

Martijn van Iterson – Gitaar

martijn van itersonMartijn van Iterson (Leiden11 juli 1970) is een Nederlands jazzgitarist, componist en docent. Hij studeerde in 1993 cum laude af aan het Hilversums Conservatorium, waar hij onder andere les had van Wim Overgaauw. In 2004 ontving hij op het North Sea Jazz Festival uit handen van Pat Metheny de Bird Award, nu de Paul Acket Award geheten. Van Iterson speelde met vele grote namen uit de jazzwereld waaronder Jim HallLee KonitzToots ThielemansMike SternRandy BreckerPiet NoordijkKurt Rosenwinkel en Rita Reys. Hij was lid van groepen als D-Code, Picks Might Fly en All the King’s Men. Tevens is hij momenteel vaste gitarist van het Jazz Orchestra of the Concertgebouw. Hij heeft drie albums onder eigen naam uitgebracht. Tegenwoordig geeft van Iterson les op zowel het Koninklijk Conservatorium en het Conservatorium van Amsterdam.

Johnny Daly – Contrabas

jonny DalyBassist Johnny Daly komt van oorsprong uit Dublin Ierland, waar hij onder andere met de legendarische gitarist Louis Stewart, voormalig lid van de George Shearing Quintet, heeft gespeeld. Hij heeft ook een aantal jaren aan het begin van de eeuw opgetreden, getoerd en opgenomen met het Mexicaanse gitaar-duo Rodrigo y Gabriella. Sinds 2002 woont hij in Nederland, en heeft hij onder andere gewerkt met Ferdinand Povel, David Schnitter, Dave Liebman, Gene Jackson, Grant Stewart, John Ruocco, Dave Glasser, Simon Rigter, Ack van Rooyen, Jeremy Pelt, Barry Harris, Peter Bernstein, Dado Moroni, Frans Elsen, Juraj Stanik, Martijn van Iterson, Joe Cohn en Eric Ineke.

Sanna van Vliet – Piano/Zang

sanna van vlietSanna van Vliet, geboren in Hilversum, begon al op jonge leeftijd met pianolessen. In 1993 werd zij aangenomen aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag met als hoofdvak jazzzang. Daar studeerde zij bij Judy Niemack, Rachel Gould, Jeanne Lee en Frans Elsen en studeerde af in twee hoofdvakken: jazzzang UM (Masters Degree) in 1999 en jazzpiano 1efase (Bachelors Degree) in 2002. Na haar conservatoriumopleiding volgde Sanna de 3-jarige docentenopleiding Complete Vocal Technique in Kopenhagen. Zij is sinds eind 2009 gecertificeerd docent CVT.

Tijdens haar conservatoriumstudie richtte zij haar eigen kwartet op waarmee zij optrad op toonaangevende jazzpodia, jazzfestivals en theaters zoals het North Sea Jazz Festival, Amersfoort Jazz Festival, Meerjazz, The Hague Jazz Festival, Bimhuis, De Tor, Artishock en meer. Zij gaf o.a. concerten in Duitsland, Zweden, Denemarken, Zwitserland, Oostenrijk, Polen, België, Finland, Tunesië, Slovenië, de Azoren, Italië, Noorwegen, Thailand en Zuid-Korea. Sanna trad onder meer op met Ruud Jacobs, Martijn van Iterson, Frans Elsen, John Engels, Rob van Kreeveld, Beets Brothers, Ferdinand Povel, Ben van den Dungen, Harry Emmery, Eric Ineke, Doug Rainey, Jarmo Hoogendijk, Eef Albers en Joe Cohn.

Haar debuut cd “In Sight” komt in februari 2004 uit. Op de cd staan bekende en minder bekende standards en drie stukken van eigen hand. Gitarist Axel Hagen schrijft voor deze cd voor het Gustav Klimt-strijkkwartet twee prachtige arrangementen.

In januari 2005 wint Sanna de 3e prijs op het Nederlands Jazz Vocalisten Concours. De jury over het optreden van Sanna van Vliet:
”Ontspannen en geestig, zeer muzikaal, prachtige eigen composities, sterke tekstinterpretatie, uitgekristalliseerde eigen stijl.”

Op 15 januari 2007 komt de 2e cd “A Time For Love”, Remembering Shirley Horn uit. Op deze cd staan alleen stukken die Horn zelf ook opnam. Marius Beets, Eric Ineke en gastsolist Ferdinand Povel spelen op deze cd mee.De cd wordt door de lezers van het Jazzism Magazine uitgeroepen tot een van de 10 beste cd’s van 2007. Met dit repertoire geeft Sanna concerten in de Nederlandse theaters in de JazzImpuls concertserie.

Cees Schrama over haar nieuwste cd “Dance on the Moon”, uitgekomen mei 2010:
 “De nieuwste cd van Sanna van Vliet is opnieuw een juweeltje in het al overvolle Jazzveld. Haar prachtige pianospel wordt gecombineerd met de gelukkig steeds bekender wordende fenomenale zangkwaliteiten en de door haar geschreven titels doen verlangen naar meer. Haar vaste begeleiders, “the cream of the crop” van de Nederlandse Jazzscene, en de Amerikaanse gitarist Joe Cohn, vervolmaken: “Dance on the Moon”. Wie van scatten houdt, ook op instrumentale solo’s, komt volledig aan zijn trekken.”

Sanna is naast optreden ook actief als docent. Zij geeft jazzzangles en vocaal comboles op het Koorenhuis in Den Haag. Op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en het Amsterdams Conservatorium geeft zij vocale improvisatie. Zij was gastdocent jazzzang op Conservatoria in Maastricht, Groningen, Enschede, Den Haag en Amsterdam en gaf workshops in Spanje en Zuid-Korea.

 

 

Marco Kegel – Saxofoon

marco kegel

Marco Kegel (saxofoon, klarinet en fluit) studeerde op z’n 22e af van het Conservatorium Den Haag. Ferdinand Povel en Frans Elsen waren zijn meest invloedrijke docenten. Met laatstgenoemde speelde hij regelmatig in Den Haag. Tijdens zijn studie speelt hij als solist met o.a. Trio Rein de Graaff en als leadsaxofonist bij de Dutch Jazz Orchestra. Dit was wat hij wilde en wat is uitgekomen:  solist in de bebop traditie en leadaltist bij top big bands.
Lyrisch, gepassioneerd en swingend zijn goede beschrijvingen van wat het betekent om Marco te horen spelen.

 

Bart van Lier – Trombone

Bart van LierBart van Lier is eerste trombonist in het Metropole Orkest. Hij werd geboren in Haarlem (1950). Zijn muzikale loopbaan begon hij op zevenjarige leeftijd met de kornet. Enige jaren later verwisselde hij dit instrument voor de trombone, In 1968 begon Bart met freelance werkzaamheden voor radio, televisie en de platenindustrie. Hij maakte deel uit van diverse orkesten en ensembles, waaronder  het Vara dansorkest van Charlie Nederpelt, het Tony Nolte TV-orkest, de Slide Hampton 4 trombone group en The Ramblers van Theo Uden Marsman.

Sinds 1992 is hij werkzaam bij het Metropole Orkest. Daarnaast maakte hij deel uit van de Peter Herbholzheimers Rhythm en Combination and Brass. Verder treedt hij op met de band van Masha Bijlsma en het quintet van Rik van den Bergh. Van deze laatste groep is zeer kort geleden de cd High Slide Low Blow uitgekomen.

Naast zijn uitvoerende werkzaamheden is hij al lange tijd docent. Zo gaf hij les in de Hochschule In Essen en de conservatoria van Den Haag en Hilversum.

Tegenwoordig is hij werkzaam als docent aan het Rotterdams Conservatorium Codarts en is hij Herr Professor aan de Musikakademie van Essen.

Ruud Jacobs – Contrabas

ruud jacobs

Ruud Jacobs werd geboren in Hilversum. Zijn vader was advocaat maar was daarnaast ook amateur-pianist. Zijn moeder was balletlerares, en runde aan huis een balletschool. Ruud en zijn broer, pianist Pim Jacobs, groeiden zodoende op in een artistiek gezin. Het was dan ook niet vreemd dat beide broers de muziek in gingen.

Jacobs begon als elfjarige op de blokfluit, en speelde binnen enkele maanden composities van de Amerikaanse altsaxofonist Charlie Parker. Vanaf zijn dertiende speelde hij altsaxofoon, en volgde les bij Bep Rowold, toenmalig dirigent van de Skymasters. Al gauw ruilde hij de altsax in voor de tenorsaxofoon. Op zijn vijftiende begon hij contrabas te spelen. Hij studeerde vier jaar aan het Conservatorium van Amsterdam bij Cees de Ligt, één van de bassisten van het Concertgebouworkest.

Begin jaren vijftig werd het Trio Pim Jacobs opgericht, met in de eerste bezetting naast Ruud Jacobs op contrabas, Cees See op drums. De eerste LP’s werden gemaakt met Bud Shank en Bob Cooper, Tony Scott en Herbie Mann. In 1957, op zijn negentiende, werd Ruud, als enige bassist uit Europa, uitverkoren om deel uit te maken van de International Youth Band in de Verenigde Staten. Hij speelde o.a. met Louis Armstrong tijdens het Newport Jazz Festival, en op de World Exposition in Brussel in 1958.

Hierna volgden vele tournees en plaatopnamen met Johnny Griffin, Rita Reys, Kenny Clarke, Bud Powell, Bill Evans, Clark Terry, Stan Getz, Sonny Rollins, Gerry Mulligan, Art Farmer, Eddy Daniels, Tony Bennett, Sarah Vaughan en vele anderen.

Vanaf de jaren zestig volgden de grote successen met Rita Reys, die in 1960 tijdens het internationale jazzfestival van Juan-les-Pins/Antibes werd uitgeroepen tot Europe’s First Lady of Jazz. Binnen het Trio Pim Jacobs was Cees See inmiddels vervangen door gitarist Wim Overgaauw. Zonder drummer dus, in navolging van het Trio Oscar Peterson. Reys en het trio toerden langs alle grote Europese jazzfestivals, en maakten platen met o.a. Kenny Clarke en Johnny Griffin.

Vanaf de jaren zeventig ging Jacobs zich naast het musiceren ook bezighouden met het produceren van platen, eerst voor platenmaatschappij CBS, later voor Phonogram en Universal. Vele grote namen zouden in de hieropvolgende decennia het succes van hun elpees en cd’s mede te danken hebben aan zijn vakmanschap. Enkele namen met wie hij in dit kader samenwerkte: Claus Ogerman, Thijs van Leer, Rita Reys, Toots Thielemans, Jan Akkerman, Laurens van Rooyen, Jaap van Zweden, Gerard Cox, Lori Spee en Laura Fygi. Ook was hij de producer van de eerste reeks cd’s van violist André Rieu.

Jacobs treedt veel op, vooral met zijn schoonzus Rita Reys, pianist Peter Beets, drummer Joost Patocka, gitarist Martijn van Iterson, en tenorsaxofonist Ferdinand Povel. Reys en het kwintet traden o.a. op tijdens het North Sea Jazz Festival, en in 2007 namen ze in een uitverkocht Koninklijk Theater Carré de DVD “Rita Reys Live at Carré” op. Een aantal producties van de laatste jaren, van zijn hand, zijn: Rita Reys: Beautiful Love – A tribute to Pim Jacobs, Toots Thielemans: Toots & Friends, Laura Fygi: Rendez Vous.

Jacobs vierde zijn 70e verjaardag in een uitverkocht Bimhuis in Amsterdam, bij welke gelegenheid hij werd geridderd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

 

Hans Vroomans – Piano

Hans was de eerste student die Cum Laude afstudeerde aan het Rotterdams conservatorium. Hij is vaste pianist van het Metropole orkest. Hij geeft les aan het conservatorium van Amsterdam en is de vaste pianist van Laura Fygi waarmee hij zeer vaak toert in Azië. hans vroomans

Ronald Douglas – Zang

ronald douglas

Ronald Douglas is al zo’n 15 jaar één van de top- jazz-zangers in Nederland maar ook ver daarbuiten.

Deze boomlange jazz-zanger werd zo’n 47 jaar geleden geboren in Den Haag en groeide op in Winterswijk.

Gestudeerd heeft hij in Hilversum aan het conservatorium bij Deborah Brown alwaar hij ook een workshop volgde bij Mark Murphy. In 1993 studeerde hij daar af. Ronald  heeft 5 cd’s gemaakt onder eigen naam en de meest recente, Lotus Blossom heeft in Amerika zeer hoge ogen gescoord en kreeg prachtige kritieken van onder andere John Clayton en Nancy Marano.

Ronald won diverse awards in het buitenland zoals in Polen en  een online competitie in de USA welke hij als eerste Europeaan heeft gewonnen. Dat succes werd bekroond met een optreden op het Eastcoast Jazzfestival in Rockville (Washington).

Ronald heeft veel ervaring opgedaan als zanger bij verschillende orkesten en bigbands. En werkt veel en graag met de beste Jazzmusici van Nederland en daarbuiten.
Naast zijn zangcarrière is hij een gerespecteerd (workshop)docent. Op dit moment geeft hij les aan de conservatoria in Zwolle en Gent en is gastdocent op het conservatorium in Amsterdam en Enschede. Daarnaast heeft hij de afgelopen jaren workshops gegeven in Liechtenstein, Brazilië, Israël, Jakarta, New York etc. veelal in combinatie met succesvolle concerten.

Zijn grootste inspiratiebronnen zijn vocalisten als: Sarah Vaughan, Mel Tormé, Shirley Horn,  Frank Sinatra, Jim Reeves, Matt Monroe, Bing Crosby, Tony Bennett, Rosemary Clooney, Carmen McRay en natuurlijk Ella Fitzgerald. Ook Doris Day en Hildegard Knef waren en zijn Ronald’s vocale heldinnen .

Ronald houdt ook erg van uitdagingen als gastsolist. Zo stond hij een tijd geleden met The Rosenberg Trio in het Concertgebouw in Amsterdam en binnenkort als gastsolist tijdens enkele concerten van de Marinierskapel der Koninklijke Marine, een orkest dat in al sedert 1945 bestaat.  Eerder werkte Ronald al met bigbands zoals de Timeless Orchestra, Glenn Miller Orchestra en the Jazzorchestra of the Concertgebouw, een concert dat op CD verscheen t.g.v. het 25-jarig bestaan van TROS Sesjun. Helaas kort daarna verdween dit prachtige programma van Dick de Winter.

Over oude orkesten gesproken: Ronald Douglas treedt regelmatig zowel als zanger maar ook als presentator op met  The Ramblers, een orkest dat al in 1926 werd opgericht door Theo Uden Masman.

Sinds 1998 staat het orkest The Ramblers onder leiding van bassist Jacques Schols welke het stokje overnam van Marcel Thielemans.

Plannen voor de toekomst heeft Ronald genoeg. Op dit moment is hij alweer in gesprek met diverse mensen om binnen nu en een jaar weer met een knallende cd te komen.
Tot die tijd blijft hij lekker lesgeven  en optreden, voornamelijk  met zijn eigen bands zoals bijvoorbeeld het trio bestaande uit pianist Rob van Kreeveld, bassist Jan Voogd en gitarist Vincent Koning.

Michiel Münninghoff – Piano

 

fotomichielMichiel Münninghoff studeerde piano aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Na zijn afstuderen trad hij veelvuldig op als pianist in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij werkzaam geweest als muzikaal leider en pianist in meerdere theaterproducties, waaronder de musical ‘Mamma Mia’ (2003), ‘Five guys named Moe’ en ‘Je Anne’. Sinds 2011 werkt hij als muzikaal leider in de jaarlijkse voorstelling Musicals gone Mad in het Oude Luxor Rotterdam.

 

Naast pianist is Michiel ook arrangeur en componist. Zo schreef hij drie musicals voor het Gymnasium Haganum in Den Haag: ‘Wijsbegeerte’ (2007), ‘Odysseus, Odysseus!’ (2010) en ‘The Berlin Connection’ (2012) die in het Lucent Danstheater werden opgevoerd.

 

In opdracht van het EYE filminstituut Amsterdam bewerkte hij orkestwerken van de componist Sjostakovitsj voor een klein ensemble onder de stomme film ‘Staking’ (1925, Eisenstein). Verder schreef hij ook voor EYE muziek bij de films ‘The Quitter’ (VS/1929), ‘Steamboat Bill Jr.’ (met Buster Keaton; VS/1928) en ‘La Sirène des Tropiques’ (met Josephine Baker; Fr/1927).

 

Recent schreef hij de soundtrack voor de speelfilm ‘The Visitor from Planet Omicron’ (VS/2013) die dit jaar uit zal komen.